Rechtsgeldigheid elektronische handtekeningen met een gekwalificeerd DigiNotar certificaat

26 september 2011 | PKIoverheid

De OPTA heeft op 14 september 2011 de registratie van DigiNotar als leverancier van gekwalificeerde certificaten ingetrokken. De vraag is nu gerezen of gekwalificeerde elektronische handtekeningen met een DigiNotar certificaat rechtsgeldig zijn.

De interdepartementale Commissie Bedrijfsjuridisch Advies (CBA) heeft een analyse gedaan en neemt het volgende standpunt in.

Bij dergelijke elektronische handtekeningen vervalt de gekwalificeerdheid (er hangt namelijk geen gekwalificeerd certificaat meer aan). Dit betekent niet dat de handtekening daarmee onbetrouwbaar is geworden. Pas op het moment dat de echtheid van de handtekening wordt betwist, zal moeten worden aangetoond dat hij niet vals is. Dat is overigens niet anders dan als de echtheid van een gekwalificeerd certificaat betwist wordt. Door het wegvallen van de gekwalificeerdheid komt alleen de bewijslast anders te liggen.

In zijn algemeenheid kan er dus geen uitspraak gedaan worden over het al dan niet betrouwbaar zijn van de voormalig gekwalificeerde handtekeningen. Dit hangt altijd af van een individuele situatie en aan welke feiten en omstandigheden een rechter de meeste waarde toekent.

Het CBA doet de volgende praktische aanbevelingen.

  1. Ga uit van de rechtsgeldigheid van de gekwalificeerde elektronische handtekening;
  2. Bij authentieke akten is het pas nodig om van deze aanname van rechtsgeldigheid af te stappen, indien bewijs wordt geleverd dat de gekwalificeerde elektronische handtekening vervalst is;
  3. Bij onderhandse akten is het pas nodig om van deze aanname van rechtsgeldigheid af te stappen, indien door de beweerdelijke ondertekenaar ten stelligste de ondertekening wordt betwist en voldoende feiten/bewijzen worden geleverd die het vermoeden van betrouwbaarheid van de handtekening aantasten waardoor de gelijkstelling met de handgeschreven handtekening komt te vervallen
  4. Bij andere documenten, vergunningaanvragen en ondertekende correspondentie is het pas nodig om van deze aanname van rechtsgeldigheid af te stappen, indien voldoende feiten/bewijzen worden geleverd door de klager die het vermoeden van betrouwbaarheid van de gekwalificeerde handtekening aantasten en daarmee gelijkstelling met de handgeschreven handtekening kan doorkruisen.
  5. In de situaties beschreven ad C en D, dient vervolgens ingevolge artikel 3:15a' lid 1, 3, 4 en 6, BW alsnog een afweging te worden gemaakt of de elektronische alsnog de beweerdelijke ondertekenaar bindt gelet op de omstandigheden van het geval en het doel waarvoor de elektronische ondertekening heeft plaatsgevonden. Bij deze afweging dient u rekening te houden met beschikbare actuele informatie rondom de hack bij DigiNotar en het daaruit voortvloeiende optreden van de overheid en toezichthouder OPTA, in samenhang met de gedragingen van de beweerdelijke ondertekenaar en de feiten van het geval.